Je browser is verouderd en geeft deze website niet correct weer. Download een moderne browser en ervaar het internet beter, sneller en veiliger!

“Het voelt als een nieuw begin”

“Zelf fietsen, boodschappen doen en weer écht moeder zijn. Dat kan eindelijk weer!” Een paar jaar geleden leek dat ondenkbaar voor Bianka. Na zware depressies, verschillende opnames, meerdere hartinfarcten en een functionele neurologische stoornis woonde ze jarenlang in een verpleeghuis. Nu woont ze weer zelfstandig in Wageningen, met begeleiding van RIBW Arnhem & Veluwe Vallei en haar familie dichtbij: “Het voelt als een nieuw begin.”

Te veel tegelijk
In 2011 valt Bianka's huwelijk abrupt uit elkaar. Nog geen week later krijgt ze haar eerste hartinfarct. Ze heeft op dat moment drie kleine kinderen. "Het was op een gegeven moment gewoon te veel." Zware depressies en opnames volgden.

Toch bouwt ze haar leven stap voor stap opnieuw op en leert ze een nieuwe man kennen. Maar als corona zijn intrede doet, grijpt hij naar de drank. "Ik kreeg in die periode drie nieuwe hartinfarcten. Door corona revalideerde ik thuis, maar dat bleek niet veilig te zijn voor mij. Hij kon niet voor me zorgen."

Haar familie zag dit ook. “Mijn vader pakte een weekendtas en zei: ‘pak je spullen in. Je gaat nu met ons mee’”, vertelt Bianka. Bij haar ouders revalideert ze, totdat ze op een ochtend wakker wordt en letterlijk niet meer kan lopen. De diagnose: een functionele neurologische stoornis. “De communicatie tussen mijn hersenen en benen was verbroken. Vermoedelijk veroorzaakt door jarenlange, chronische stress”, vertelt ze.

Eerst waren anderen er alleen maar voor mij. Nu kan ik ook weer wat terugdoen. Dat is heel erg fijn

Van verpleeghuis naar eigen regie
Bianka belandt op een verblijfsafdeling in een verpleeghuis, eerst in Wageningen, later in Arnhem. Hier krijgt ze zowel psychische als fysieke ondersteuning. Haar familie reist wekelijks heen en weer. Verjaardagen worden gevierd, logeerpartijtjes georganiseerd. “Het was heel fijn dat ze er altijd waren”, benadrukt Bianka. Die steun heeft ze hard nodig als de neuroloog zegt dat ze waarschijnlijk nooit meer zal lopen.Maar ik ben koppig”, lacht ze. “Ik werd daar vijftig jaar en ik dacht: dit is toch niet wat ik wil. Dit is niet mijn leven."

Bianka geeft niet op. Wekelijks werkt ze hard tijdens fysiotherapie en ergotherapie. En dan, in oktober 2024, zet ze haar eerste stapjes. “Toen dit gebeurde dacht ik: en nu ga ik door. Ik wil weer zelfstandig wonen." En dat lukte. Ze kreeg het voor elkaar om te lopen met een rollator en regelde een woning in Wageningen. Klaar voor een volgend hoofdstuk, met haar familie én persoonlijk begeleider Bea van RIBW Arnhem & Veluwe Vallei aan haar zijde.

Een nieuw begin
"Het was letterlijk opnieuw beginnen. Alles in huis was nieuw. Het is een heel nieuw leven." Ze geniet ondertussen weer van de alledaagse dingen: zelf koken, boodschappen doen, haar kinderen die zomaar binnenstappen. En de rollator? Die staat inmiddels in de schuur. Ze ruilde deze in voor een fiets. "Ik durfde niet te hopen dat dit nog zou lukken," vertelt ze trots.

Met Bea stelde ze doelen op rondom haar dagbesteding en een gezonde leefstijl. Wekelijks kijken ze hoe het gaat. Bea blijft dichtbij waar nodig, en geeft ruimte waar kan. Ook haar zus houdt een oogje in het zeil. Bianka: “Als ik me terugtrek, volgt er al snel een berichtje met de vraag of het goed gaat. Ze hebben het vaak eerder in de gaten dat ik aan het zakken ben dan ikzelf. Dat is heel waardevol."

“In zo'n situatie neem ik de regie niet over, maar stel ik juist vragen,” legt Bea uit. “Dan vertelt Bianka zelf hardop wat er de afgelopen dagen is gebeurd en hoe ze die signalen weer kan ombuigen. De eigen regie ligt volledig bij haar. Zij komt met de voorstellen en wij volgen. Ze heeft keer op keer laten zien dat ze dat kan.”

Er weer voor een ander zijn
"Eerst waren anderen er alleen maar voor mij. Nu kan ik ook weer wat terugdoen. Dat is heel erg fijn”, vertelt ze. “Als mijn dochter me nodig heeft tijdens het bloedprikken ga ik mee, of als mijn vader me nodig heeft bij een gesprek in het ziekenhuis.”
Lachend vervolgt ze: "Al zorgen ze ook nog wel voor mij hoor. Elke zaterdagochtend om negen uur staat mijn vader voor de deur met een pan soep." Persoonlijk begeleider Bea vult aan: "Hij komt binnen en ziet dan ook meteen even hoe het gaat. Dat zijn gouden dingen.”

Terug naar het overzicht